Research

Op de homepage hebben we al kort verteld over schadelijke stoffen in ons drinkwater en het belang van het drinken van zuiver water. Maar welke schadelijke stoffen zitten er nou precies in ons drinkwater? In welke hoeveelheden? Wanneer is drinkwater echt zuiver en wat kan dat betekenen voor mijn gezondheid? Dit vroegen wij ons ook af.

Na een diepe duik in de wetenschappelijke literatuur hebben we de antwoorden op deze vragen gevonden. Deze willen we graag met je delen.

»Wat is er mis met het Nederlandse drinkwater?

Waarom zou je een waterfilter nodig hebben? Het Nederlandse drinkwater is toch van goede kwaliteit? Dat dachten wij ook, totdat we onszelf de vragen stelden: Is dat ooit bewezen? En waar komt deze aanname eigenlijk vandaan?

Waaruit bestaat ons drinkwater?

Laten we beginnen met de herkomst van ons drinkwater. Ongeveer 40% van het Nederlandse drinkwater wordt gewonnen uit het oppervlaktewater. Hieronder vallen onder anderen de slootjes, meren en rivieren maar ook het water wat door onze riolen stroomt. Uit een rapport van het RIVM uit 2015 blijkt dat het Nederlandse oppervlaktewater een van de meest vervuilde van Europa is. Dit komt door de lage ligging van ons land. Vanuit onze buurlanden stroomt het afvalwater via Nederland naar zeeniveau. Water zoekt immers altijd het laagste punt en Nederland en België (‘De Lage Landen’) liggen samen helaas het laagst.

Nederlandse drinkwater lang niet zo goed als we denken

Onderzoek wijst uit dat er in ons oppervlaktewater onder andere residuen van medicijnen (hormonen, chemo’s etc.), chemicaliën, metalen, verdelgingsmiddelen (pesticiden), cosmetica, brandvertragers en nanodeeltjes voorkomen. Het oppervlaktewater raakt door talloze factoren vervuild. Bijvoorbeeld door bedrijven die hun afvalwater in rivieren lozen maar ook door mensen. Medicijnen en hormonen die het lichaam niet kan afbreken, plassen we uit, en komen via het wc-water in het riool terecht.

De Volkskrant schreef op 30 april 2016 het volgende; ‘Onze riolen zijn farmacologische zwembaden, vol resten van pijnstillers, anticonceptiepillen, bètablokkers en wat niet allemaal meer. De pillen komen vooral in het riool terecht via onze urine. Door de vergrijzing stijgt ook het medicijngebruik, wat niet zonder gevolgen blijft voor het onderwaterleven, zoals onderzoek van Ellen van Donk van het Nederlands Instituut voor Ecologie enkele maanden geleden liet zien.’

Het Nederlandse oppervlaktewater is een van de meest vervuilde van Europa, zo blijkt uit onderzoek van het RIVM (RIVM, 2015).

De overige 60% van het Nederlandse drinkwater wordt gewonnen uit het grondwater. Terwijl veel mensen denken dat dit water heel zuiver is, blijkt uit onderzoek van het RIVM het tegendeel. Het onderzoek toont aan dat in 36 van de 59 onderzochte gevallen de EG/VwEU-norm voor veilig drinkwater werd overschreden.

Waardoor zijn onze ondergrondse waterbronnen zo vervuild geraakt? Grote boosdoeners zijn onder anderen de pesticiden. Uit onderzoek van het RIVM blijkt dat het Nederlandse grondwater vol zit met pesticiden. Natuurlijk wordt dit water nog gefilterd door allerlei systemen voordat het uiteindelijk uit onze kranen stroomt. Helaas zijn onze riool- en waterzuiveringsinstallaties echter niet in staat om al deze schadelijke stoffen uit het water te verwijderen, waardoor ze uiteindelijk in ons drinkwater terechtkomen.

Worden er dan geen maatregelen genomen?

Overheden en drinkwaterbedrijven doen hun best om het water zo goed mogelijk te zuiveren. Door de complexiteit en de hoeveelheid stoffen in het oppervlaktewater is het simpelweg niet mogelijk om op zo’n grote schaal alle schadelijke stoffen uit het water te filteren.

Om te voorkomen dat er nog meer schadelijke stoffen in het grondwater komen worden er ook maatregelen getroffen. Een van deze maatregelen is bijvoorbeeld het stimuleren van schonere, ecologische landbouw. Het is fantastisch dat hier aandacht voor is en dat er gekeken wordt naar oplossingen. Maar dit soort maatregelen doen weinig aan de huidige situatie.

Uit onderzoek van het RIVM blijkt dat het Nederlandse grondwater vol zit met pesticiden. Het kan tot wel 30 jaar duren voordat landbouwgiffen zich door alle aardlagen gewerkt hebben voordat ze in het grondwater terecht komen. In de praktijk betekent dit dat de pesticiden die men 30 jaar geleden op het land sproeide, op dit moment in het grondwater terecht komen. Het betekent ook dat wij nog minimaal 30 jaar de gevolgen zullen ondervinden van het gebruik van pesticiden door boeren en particulieren.

Het einde van de vervuiling is helaas nog niet in zicht.Op 12 mei 2017 melde de Volkskrant nog dat zo’n 10% van de resten van bestrijdingsmiddelen die worden aangetroffen in waterwingebieden, afkomstig is uit stoffen die tuinen vrij moeten houden van ziekten en plagen.

In 2014 luidde Vitens de noodklok en meldde de directievoorzitter van Vitens, Lieve Declercq, dat Vitens twee waterbronnen moest sluiten (in Zutphen en Nijmegen) omdat het water daar niet aan de norm voldeed.

Omdat ons drinkwater voor 60% uit het grondwater gewonnen wordt, kun je zeggen dat wij de pesticiden binnen krijgen die 30 jaar geleden op het land zijn gesproeid.

De focus op verbetering ligt dus voornamelijk op de lange termijn. Daarnaast neemt de vervuiling steeds verder toe. Hierdoor wordt het steeds lastiger om kraanwater van een acceptabele kwaliteit uit de kraan te krijgen.

Kwaliteit van het Nederlandse drinkwater

Er zijn door de overheid normen opgesteld met betrekking tot ons kraanwater. Deze normen geven de maximaal toegestane hoeveelheid aan van (schadelijke) bepaalde stoffen in het drinkwater. Binnen vastgestelde normen wordt ons water beschouwt als veilig voor de gezondheid. Dit houdt in dat we er op korte termijn niet direct ziek van worden. Wat de meeste mensen niet weten is dat zelfs kleine hoeveelheden van deze stoffen al schadelijke gevolgen hebben voor onze gezondheid. Denk hierbij aan een slechter geheugen, een verminderde concentratie en een hogere bloeddruk.

Daarnaast zijn er de gevolgen op de langere termijn. Veel van de schadelijke stoffen zijn lastig af te breken. Alles wat we niet af kunnen breken slaan. Dit zorgt ervoor dat er na een aantal jaar zeer schadelijke hoeveelheden zich hebben opgehoopt in het lichaam.

Stoffen die zich ophopen in ons lichaam reageren met elkaar en veroorzaken fysieke klachten en ziektes.

Een voorbeeld zijn organisch chloride en arseen, twee stoffen die vaak in de landbouw worden gebruikt. Beide stoffen hebben op verschillende manieren een negatief effect op onze bloedsuikerspiegel (Pizzorno, 2016). Het is dan ook niet gek om te zien dat al deze stoffen een sterke relatie hebben met diabetes (Pizzorno, 2016).

Verschillende drinkwaterbedrijven doen hard hun best om al deze stoffen zoveel mogelijk uit het water te halen. Dit lukt slechts voor een deel en er blijft nog een brede cocktail aan chemische stoffen achter.

Een verdere verbetering is alleen mogelijk met nieuwe zuiveringstechnieken, maar dat vraagt een enorme investering en bovendien zijn de nieuwe technieken moeilijk toepasbaar voor de watervolumes die onze maatschappij vraagt. Feit is dat er allerlei chemische stoffen in ons leidingwater aanwezig zijn die daar simpelweg niet in thuis horen. Uit onderzoek van het RIVM blijkt dat er nog regelmatig (43 van de 215, 1/5) bestrijdingsmiddelen en resten van chemische stoffen worden aangetroffen in het drinkwater, die boven de wettelijke norm uitkomen (RIVM Rapport 2016-0083).

Daarom is het belangrijk om het water uit de kraan te filteren voordat je het drinkt.

»Welke stoffen verwijdert AquaTru uit het kraanwater?

De AquaTru is uitvoerig getest door het NSF. Dit is de Amerikaanse autoriteit op het gebied van voedsel- en drinkwaterveiligheid. Het NSF is een onafhankelijke instantie die voedselproducten test. Het is te vergelijken met de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit.

Alles wat je in de tabel ziet is een directe weergave van de conclusies van het NSF. AquaTru beschikt over NSF / ANSI 42, 53, 58 en 401 certificering. Van alle geteste toxische stoffen werd tot 99% uit het water gefilterd.

Klik hier voor een overzicht van alle stoffen die door AquaTru verwijderd worden.

»Waarom zijn de stoffen in ons drinkwater schadelijk voor onze gezondheid?

Uit onderzoek blijkt dat er verschillende schadelijke stoffen in ons drinkwater zitten. Voor een aantal heeft het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) bepaalde normen opgesteld die niet overschreden mogen worden. Deze normen zijn vastgelegd in het drinkwaterbesluit. Aangezien wij erg benieuwd waren naar wat er allemaal in ons drinkwater mag zitten, besloten wij een kijkje te nemen.

Bereid je voor op een wat minder zonnig verhaal. Schadelijke stoffen zijn helaas niet het meest vrolijke onderwerp wat er is.

Aluminium

Aluminium is een metaal, waar mensen regelmatig aan worden blootgesteld, met name bij het drinken van water (Greger et al., 1997). Het is onder andere gelinkt aan verschillende degeneratieve ziektes zoals Alzheimer's (Verstraeten et al., 2008). Het is goed voor de gezondheid om de inname van deze stof zoveel mogelijk te beperken (Tomljenovic, 2011; Nayak, 2002).

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 200 ug/l)

Arsenicum/Arseen

Arseen is een zwaar metaal wat veel wordt gebruikt in pesticiden. Het staat bekend als een klasse 1 carcinogeen (Hettick et al., 2015). Dit betekent dat er een sterke relatie is tussen de inname van arseen en het ontstaan van kanker. Een ander voorbeeld van een klasse 1 carcinogeen is bijvoorbeeld asbest. Oberoi et al. (2014) stellen dat jaarlijks tot 329.000 gevallen van kanker (deels) worden veroorzaakt door arseen. Daarnaast is het gelinkt aan hart en vaatziekten, zelfs in kleine hoeveelheden onder de 10ug/l (Moon et al., 2013).

Arseen is tevens een immunotoxicant, wat betekent dat het schadelijk is voor ons immuunsysteem (Cardenas et al., 2015).

Net zoals bij vele andere toxines, kan arseen doorgegeven worden van de moeder op de baby. Hoe meer arseen de moeder in haar lichaam heeft, hoe groter de kans op een miskraam, groeirestricties bij de baby en zelfs kindersterfte (Farzan et al., 2016). Daarnaast kan het bij het kind de ontwikkeling van het immuunsysteem verstoren.

Verder is arseen gelinkt aan een hogere kans op allergieën (Shiue, 2013), slecht slapen (Shiue, 2017) en diabetes (Becker & Axelrad, 2014). Het is het beste om de inname van deze stof zo veel mogelijk te verminderen (Nachman et al., 2013; Wang et al., 2006).

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 10 ug/l)

Cadmium

Deze stof staat bekend als een zeer schadelijk metaal. Het wordt met name gebruikt in electronica, bijvoorbeeld bij het solderen. Het werd eerder ook gebruikt in accu’s en oplaadbare batterijen, wat in 2005 werd verboden in de EU

Cadmium blijft 30-35 jaar actief in het menselijk lichaam. Het is met name te vinden in de lever en in de nieren. Het is aan meerdere ziektes en aandoeningen gelinkt, waaronder verschillende hart- en vaatziekten en vormen van kanker en diabetes (Madeddu et al., 2011; Gallagher et al., 2010). Het zal je niet verbazen: hoe minder cadmium, hoe beter.

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 5 ug/l)

Lood

Lood is een zwaar metaal wat vroeger voor verschillende zaken werd ingezet: verf, accu’s, leidingen en nog veel meer. Vele toepassingen zijn inmiddels verboden, maar er zit nog steeds veel lood in ons milieu. En wij krijgen het binnen. Zowat alle bewoners van geïndustrialiseerde landen hebben hogere niveaus van lood in hun botten dan de generaties van voor de industrialisatie (Bogden et al., 1997). In het onderzoek van Patterson et al. (1991) is het ‘loodniveau’ in de botten van skeletten van 1000 jaar geleden onderzocht. De botten van deze skeletten bevatten 1000 maal minder lood dan de botten van de hedendaagse mens.

Lood blijft maximaal een maand in het bloed. Vervolgens komt het in de botten terecht. Meer dan 90% van alle lood in het menselijk lichaam zit in de botten, waar het tientallen jaren kan blijven zitten. 45% tot 75% van het lood in het bloed komt vanuit de botten. Zo kan lood dus erg lang in het lichaam blijven zitten.

Loodniveaus binnen de norm van 10 ug/l zijn gelinkt aan verminderde hersenontwikkeling bij kinderen (Bellinger, 2008), waaronder vermindert IQ (Stein et al., 2002), anti-sociaal gedrag, verminderde aandacht en leerstoornissen (Lanphear, 2005). Bij volwassenen zijn vergelijkbare gevolgen geconstateerd, waaronder ook verhoogde bloeddruk en verminderd geheugen (Lanphear, 2005). Zelfs lage niveaus van lood in het bloed (1,2ug) zijn gelinkt aan jicht (Krishnan et al., 2012).

We zouden er allemaal goed aan doen om onze loodinname zoveel mogelijk te verminderen. Dit komt nog duidelijker naar voren wanneer we kijken naar de activiteit van lood. Dit metaal kan in onze botten trekken, waardoor het tot 30 jaar kan duren voordat de helft ervan is afgebroken.

Nu denk je misschien: “zijn er dan geen manieren om lood sneller uit mijn lichaam te krijgen?” Het antwoord is: ja, dat kan zeker, en je eten gaat er nog lekkerder van smaken ook!

In het onderzoek van Kianoush et al. (2012) werd er gekeken naar de werking van knoflook (dagelijks 2 tenenk) en die van d-Penicillamine, een bekend anti-lood medicijn. Het medicijn zorgde voor vermindering van de loodniveaus in het bloed met 20%. De knoflook had dezelfde resultaten als het gaat om de vermindering. Nu is het al fantastisch dat je met knoflook dezelfde resultaten kunt behalen als met een medicijn, maar het wordt nog beter!d-Penicillamine en andere vergelijkbare medicijnen, slagen er wel in om loodniveaus te laten dalen, maar vervolgens is er geen verbetering in de functie van de hersenen, wat je wel zou verwachten bij lagere loodniveaus

Het eten van twee tenen knoflook per dag zorgde, naast een vermindering van de hoeveelheid lood in het bloed met 20%, voor het volgende: verminderde irritatie, verminderde hoofdpijn en een verbetering in de bloeddruk. Wees dus vooral niet te zuinig met knoflook!

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 10 ug/l)

Koper

Het menselijk lichaam is in beperkte mate gebaat bij de inname van koper. Wel is het duidelijk dat een te hoge dosis kan leiden tot verschillende hersenaandoeningen en ziektes (Uriu-Adams & Keen, 2005). Koper is een metaal wat gewonnen wordt uit erts. Het komt in het drinkwater terecht via de corrosie van pijpen. Een te hoge koper inname kan lever- en nierschade tot gevolg hebben.

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 2 mg/l)

Kwik

Kwik wordt met name gebruikt in pesticiden en electronica. Het komt veel voor in vis, aangezien veel kwikhoudende stoffen worden geloosd in onze wateren. Het verschilt echter heel erg per soort, dus welke vis kunnen we het beste eten? Gelukkig zijn er organisaties zoals het NRDC die dit voor ons uitzoeken. De lijst vindt je hier.

Kwik niveau’s bij zwangere vrouwen zijn daarnaast gelinkt aan een gekrompen brein bij nieuwgeboren baby's (Cace et al., 2011). Hoe meer kwik, hoe kleiner het brein van het kindje. Daarnaast is kwik gelinkt aan een verhoogde kans op epilepsie bij kinderen (Yuan, 2012). Het afbreken van kwik gaat vrij snel, na ongeveer 2 maanden is de helft afgebroken. Na 1 jaar van kwikvrije consumptie kan er 99% worden afgebroken (Zeilmaker et al., 2013). Ondanks het snelle afbreken van deze stof, blijft het verstandig om je kwik-inname zoveel mogelijk te beperken.

(De Norm voor het Nederlandse drinkwater is 1 ug/l)


»Wat onderscheidt AquaTru van andere waterfilters?

AquaTru ten opzichte van anderer waterfilters

AquaTru is natuurlijk niet de enige filter op de markt, er zijn een heleboel manieren om je water te filteren. Uiteindelijk gaat het erom wat het best bij jou past. Maar wat is voor jou nu de beste keuze? Om dit te kunnen besluiten is het belangrijk om over alle relevante informatie te beschikken. Daarom hebben we de belangrijkste informatie voor je uiteengezet.

De filtermarkt kan onderverdeeld worden in grofweg drie segmenten: pitcherfilters (waterkannen), ingebouwde sys-temen en zwaartekrachtfilters.

Pitcherfilters:Dit zijn kannen met een enkele (carbon) filter. Een bekend merk is bijvoorbeeld Brita. Pitcherfilters verbeteren met name de smaak, maar dragen weinig bij aan de verbetering van de kwaliteit van je drinkwater. Onderzoek heeft aangetoond dat AquaTru meer dan 10x meer schadelijke stoffen verwijdert dan de best verkochte pitcherfilters. Daarnaast heeft ditzelfde onderzoek aangetoond dat sommige filters zelfs 33% aluminium toevoegen aan je drinkwater!

Ingebouwde filtratiesystemen: Deze systemen dienen door een loodgieter te worden aangesloten op je waterleiding. Hier komt vaak het nodige sloop en breekwerk bij kijken. De sys-temen zijn over het algemeen een stuk duurder dan Aquatru, halen minder schadelijke stoffen uit je water en zijn daarnaast minder milieu vriendelijk. Ingebouwde systemen verspillen te-vens veel water wat slecht is voor het milieu. Een voorbeeld: AquaTru heeft voor de productie van 0,75 liter gefilterd water slechts 1 liter water nodig. Ingebouwde filtratie systemen ver-bruiken voor de productie van 0,75 liter gefilterd water gemid-deld 3,5 liter water. Dat is 3,5x meer dan de AquaTru!

Zwaartekrachtfilters: Uit onderzoek blijkt dat sommige zwaartekrachtfilters redelijk goede resultaten behalen als het gaat om waterfiltratie. Het verschil met AquaTru is dat deze werkt met behulp van een elektronisch aangedreven pomp. Doordat het water onder druk door de vier fasen filters wordt geperst zijn de resultaten van de AquaTru significant beter en wordt het water veel sneller gefilterd.

De filterprestaties van AquaTru zijn wetenschappelijk getest.

Bron:http://www.naturalnews.com/049539_AquaTru_water_purifier_fluoride_removal.html


»Hoe zit het met de kwaliteit van bronwater uit de fles?


Plastic flessen en BPA’s

De meeste flessen bronwater die in de supermarkt verkocht worden, zijn gemaakt van een slechte kwaliteit plastic. Dit plastic bevat onder meer BPA (Bisfenol A).BPA is een Xeno Oestrogeen, een stof die in verband wordt gebracht met gewichtstoename (Song et al., 2014), hart- en vaatziekten, diabetes, seksuele stoornissen, verstoring van de hormoonbalans bij vrouwen en onvruchtbaarheid bij mannen(Li et al., 2010). Zelfs bij een kleine hoeveelheid van 5ug wordt het risico op diabetes al verdubbeld (Pizzorno, 2016).

De plastic flessen, waarin bronwater wordt verpakt, laten continu kleine hoeveel heden BPA los. Deze worden opgenomen in het bronwater en uiteindelijk geconsumeerd. Als deze flessen warm worden wordt de BPA afgifte nog eens versterkt. Het is dan ook aan te raden om zo veel mogelijk water uit een glas te drinken.

De AquaTru watertanks zijn gemaakt van Tritan®. Deze vorm van plastic is BPA en BPS vrij en wordt bijvoorbeeld ook gebruikt in andere healthproducten zoals de Vitamix. Tritan® is onafhankelijk getest door verschillende universiteiten en is vrij van schadelijke stoffen.

Voor ‘natuurlijk’ bronwater is wettelijk vastgesteld dat het bij de bron gewonnen en gebotteld is (De kwaliteitseisen voor flessenwater zijn omschreven in het Warenwetbesluit Verpakte Waters). Hierin staan ook de richtlijnen voor bronwater beschreven. Deze richtlijnen zijn verbazingwekkend genoeg soepeler dan de richtlijnen voor de kwaliteit van kraanwater. Er zijn slechts 15 stoffen waarop het bronwater wordt getest. Ter vergelijking: kraanwater wordt op 60 stoffen getest.

Daardoor kan het zelfs voorkomen dat mineraal- of bronwater niet voldoet aan de drinkwaternorm. In Nederland in de omgeving Utrecht is het leidingwater van dezelfde bron afkomstig als Sourcy dat als 'natuurlijk' bronwater wordt verkocht. Er wordt zelfs gesteld dat 60 % van het Nederlandse kraanwater uit soortgelijke of dezelfde ondergrondse bronnen komt als ‘natuurlijk’ bronwater. Evenals bij leidingwater zijn bij diverse mineraalwaterbronnen verontreinigingen aangetroffen met sporen van bestrijdingsmiddelen in de landbouw, kunstmatige zoetstoffen en medicijnen, zo blijkt uit onderzoek van de Duitse consumentenbond. Via oppervlaktewater verontreinigingen kunnen deze stoffen diep in het aardoppervlak indringen en zo het water van de bronnen bereiken en verontreinigen.

Plastic flessen en het milieu

In 2015 werd er in Nederland 405,1 miljoen liter mineraalwater uit de fles gedronken (FWS, 2015). Dat brengt een boel lege flessen met zich mee. Gelukkig kan een groot deel hiervan gerecycled worden. Het zou echter nog beter voor het milieu zijn als deze flessen helemaal niet geproduceerd hoeven te worden. Zowel de productie van het plastic, als het recyclen van de lege flessen, zijn erg schadelijk voor het milieu.

http://www.spiegel.de/wirtschaft/service/stiftung-... Test mineraalwater door de Duitse Stiftung Warentest, 2014.

»Ik krijg die schadelijke stoffen toch wel binnen, waarom zou ik dan gefilterd water drinken?


Bewust leven helpt!

Waarom zou je gefilterd water drinken als je toch zoveel schadelijke stoffen binnen krijgt? Dit is een zeer terechte vraag die wij onszelf ook gesteld hebben. Het lijkt nogal veel: de lucht, ons eten, het water, de materialen die we gebruiken, de lijst gaat maar door. Ondanks dat alles voelen we ons nog goed, dus waarom zouden we dan schoon water drinken?

Hoe minder schadelijke stoffen we in ons lichaam hebben, hoe beter we functioneren. Inmiddels heb je op deze site gelezen dat de schadelijke stoffen in ons drinkwater onder andere een negatieve invloed hebben op onze hersenen, bloedvaten en organen, zelfs in kleine hoeveelheden. Zeker wanneer we kijken naar hoe deze stoffen op elkaar kunnen reageren.

Ons lichaam kan er behoorlijk mee omgaan, maar wat als we er makkelijk voor zouden kunnen zorgen dat we er veel minder van binnen krijgen? Dat zorgt er dan voor dat onze hersenen beter en sneller werken, ons bloed beter door ons lichaam kan stromen en dat onze organen minder belast worden. In andere woorden: we kunnen sneller denken, we zien er beter uit en we voelen ons beter.

Preventie is de meest effectieve vorm om het aantal schadelijke stoffen in ons lichaam te verminderen. Preventie werkt namelijk aan twee kanten. De eerste is erg simpel: je krijgt minder binnen en daardoor zal de hoeveelheid in je lichaam ook verminderen. Nog belangrijker is de tweede: wanneer je lichaam minder schadelijke stoffen binnenkrijgt, zal het eerder overgaan op het uitscheiden ervan (Pizzorno, 2017).

Natuurlijk is ons drinkwater niet de enige bron van schadelijke stoffen. Het is wel een van de weinige bronnen waar we zelf op een makkelijke manier veel invloed op uit kunnen oefenen, in tegenstelling tot zoiets als luchtvervuiling. Hoe minder schadelijke stoffen we binnenkrijgen, hoe eerder ons lichaam ze zal uitscheiden en hoe beter we ons voelen, zowel fysiek als mentaal.

»Bronvermelding


Literatuur

Becker, A., & Axelrad, D. (2014). Arsenic and type 2 diabetes: commentary on association of inorganic arsenic exposure with type 2 diabetes mellitus: a meta-analysis by Wang et al. J Epidemiol Community Health, jech-2013.

Bellinger, D. C. (2008). Very low lead exposures and children's neurodevelopment. Current opinion in pediatrics, 20(2), 172-177.

Bittner, G. D., Yang, C. Z., & Stoner, M. A. (2014). Estrogenic chemicals often leach from BPA-free plastic products that are replacements for BPA-containing polycarbonate products. Environmental Health, 13(1), 41

Bogden, J. D., Oleske, J. M., & Louria, D. B. (1997). Lead poisoning--one approach to a problem that won't go away. Environmental health perspectives, 105(12), 1284.

Bonmatin, J. (2009, September). Conclusions Round Table on intoxication of bees due to pesticides: results from scientists. In Presentation at 41th Apimondia Congress (pp. 15-20).

Cace, I. B., Milardovic, A., Prpic, I., Krajina, R., Petrovic, O., Vukelic, P., ... & Snoj, J. (2011). Relationship between the prenatal exposure to low-level of mercury and the size of a newborn’s cerebellum. Medical hypotheses, 76(4), 514-516.

Cardenas, A., Smit, E., Houseman, E. A., Kerkvliet, N. I., Bethel, J. W., & Kile, M. L. (2015). Arsenic exposure and prevalence of the varicella zoster virus in the United States: NHANES (2003–2004 and 2009–2010). Environmental health perspectives, 123(6), 590.

Ciesielski, T., Bellinger, D. C., Schwartz, J., Hauser, R., & Wright, R. O. (2013). Associations between cadmium exposure and neurocognitive test scores in a cross-sectional study of US adults. Environmental Health, 12(1), 13.

Christensen, K. L. Y., Lorber, M., Koslitz, S., Brüning, T., & Koch, H. M. (2012). The contribution of diet to total bisphenol A body burden in humans: Results of a 48hour fasting study. Environment international, 50, 7-14.

Farzan, S. F., Li, Z., Korrick, S. A., Spiegelman, D., Enelow, R., Nadeau, K., ... & Karagas, M. R. (2016). Infant infections and respiratory symptoms in relation to in utero arsenic exposure in a US cohort. Environmental health perspectives, 124(6), 840.

Gallagher, C. M., Chen, J. J., & Kovach, J. S. (2010). Environmental cadmium and breast cancer risk. Aging (Albany NY), 2(11), 804.

Geens, T., Aerts, D., Berthot, C., Bourguignon, J. P., Goeyens, L., Lecomte, P., ... & Van Loco, J. (2012). A review of dietary and non-dietary exposure to bisphenol-A. Food and chemical toxicology, 50(10), 3725-3740.

Grandjean, P., Satoh, H., Murata, K., & Eto, K. (2010). Adverse effects of methylmercury: environmental health research implications. Environmental health perspectives, 1137-1145.

Greger, J. L., Sutherland, J. E., & Yokel, R. (1997). Aluminum exposure and metabolism. Critical reviews in clinical laboratory sciences, 34(5), 439-474.

Hettick, B. E., Cañas-Carrell, J. E., French, A. D., & Klein, D. M. (2015). Arsenic: a review of the element’s toxicity, plant interactions, and potential methods of remediation. Journal of agricultural and food chemistry, 63(32), 7097-7107.

Ito, Y., Niiya, Y., Otani, M., Sarai, S., & Shima, S. (1987). Effect of food intake on blood lead concentration in workers occupationally exposed to lead. Toxicology letters, 37(2), 105-114.

Kianoush, S., Balali‐Mood, M., Mousavi, S. R., Moradi, V., Sadeghi, M., Dadpour, B., ... & Shakeri, M. T. (2012). Comparison of Therapeutic Effects of Garlic and d‐Penicillamine in Patients with Chronic Occupational Lead Poisoning. Basic & clinical pharmacology & toxicology, 110(5), 476-481.

Krishnan, E., Lingala, B., & Bhalla, V. (2012). Low-level lead exposure and the prevalence of gout: an observational study. Annals of internal medicine, 157(4), 233-241.

Lanphear, B. P. (2005). Childhood lead poisoning prevention: Too little, too late. Jama, 293(18), 2274-2276.

Lee, M. G., Chun, O. K., & Song, W. O. (2005). Determinants of the blood lead level of US women of reproductive age. Journal of the American College of Nutrition, 24(1), 1-9.

Li, D. K., Zhou, Z., Miao, M., He, Y., Qing, D., Wu, T., ... & Zhu, Q. (2010). Relationship Between Urine Bisphenol‐A Level and Declining Male Sexual Function. Journal of andrology, 31(5), 500-506.

Madeddu, R., Solinas, G., Forte, G., Bocca, B., Asara, Y., Tolu, P., ... & Castiglia, P. (2011). Diet and nutrients are contributing factors that influence blood cadmium levels. Nutrition research, 31(9), 691-697.

Martin, S., & Griswold, W. (2009). Human health effects of heavy metals. Environ Sci Technol Brief Cit, 15, 1-6.

Melnikov, P., & Zanoni, L. Z. (2010). Clinical effects of cesium intake. Biological trace element research, 135(1-3), 1-9.

Moon, K. A., Guallar, E., Umans, J. G., Devereux, R. B., Best, L. G., Francesconi, K. A., ... & Navas-Acien, A. (2013). Association Between Exposure to Low to Moderate Arsenic Levels and Incident Cardiovascular DiseaseA Prospective Cohort Study. Annals of internal medicine, 159(10), 649-659.

Nachman, K. E., Baron, P. A., Raber, G., Francesconi, K. A., Navas-Acien, A., & Love, D. C. (2013). Roxarsone, inorganic arsenic, and other arsenic species in chicken: a US-based market basket sample. Environmental Health Perspectives (Online), 121(7), 818.

Nayak, P. (2002). Aluminum: impacts and disease. Environmental research, 89(2), 101-115.

Oberoi, S., Barchowsky, A., & Wu, F. (2014). The global burden of disease for skin, lung and bladder cancer caused by arsenic in food. Cancer Epidemiology and Prevention Biomarkers, cebp-1317.

Patterson, C., Ericson, J., Manea-Krichten, M., & Shirahata, H. (1991). Natural skeletal levels of lead in Homo sapiens sapiens uncontaminated by technological lead. Science of the Total Environment, 107, 205-236.

Pizzorno, J. (2016). Is the Diabetes Epidemic Primarily Due to Toxins?. Integrative Medicine: A Clinician's Journal, 15(4)

Pizzorno, J. (2017) The Toxin Solution. New York, NY: Harpercollins

Poudel-Tandukar, K., Nanri, A., Iwasaki, M., Mizoue, T., Matsushita, Y., Takahashi, Y., ... & Japan Public Health Center-based Prospective Study Group. (2011). Long chain n-3 fatty acids intake, fish consumption and suicide in a cohort of Japanese men and women—The Japan Public Health Center-based (JPHC) Prospective Study. Journal of affective disorders, 129(1), 282-288.

Shiue, I. (2013). Association of urinary arsenic, heavy metal, and phthalate concentrations with food allergy in adults: National Health and Nutrition Examination Survey, 2005-2006. Annals of Allergy, Asthma & Immunology, 111(5), 421-423.

Shiue, I. (2017). Urinary arsenic, pesticides, heavy metals, phthalates, polyaromatic hydrocarbons, and polyfluoroalkyl compounds are associated with sleep troubles in adults: USA NHANES, 2005–2006. Environmental Science and Pollution Research, 24(3), 3108-3116.

Smith, A. H., & Steinmaus, C. M. (2009). Health effects of arsenic and chromium in drinking water: recent human findings. Annual review of public health, 30, 107-122.

Song, Y., Hauser, R., Hu, F. B., Franke, A. A., Liu, S., & Sun, Q. (2014). Urinary concentrations of bisphenol A and phthalate metabolites and weight change: a prospective investigation in US women. International journal of obesity, 38(12), 1532-1537

Stein, J., Schettler, T., Wallinga, D., & Valenti, M. (2002). In harm’s way: toxic threats to child development. Journal of Developmental & Behavioral Pediatrics, 23, S13-S22.

Taylor, D. M., & Taylor, S. K. (1997). Environmental uranium and human health. Reviews on environmental health, 12(3).

Tomljenovic, L. (2011). Aluminum and Alzheimer's disease: after a century of controversy, is there a plausible link?. Journal of Alzheimer's Disease, 23(4), 567-598.

Uriu-Adams, J. Y., & Keen, C. L. (2005). Copper, oxidative stress, and human health. Molecular aspects of medicine, 26(4), 268-298.

Verstraeten, S. V., Aimo, L., & Oteiza, P. I. (2008). Aluminium and lead: molecular mechanisms of brain toxicity. Archives of toxicology, 82(11), 789-802.

Wang, F. M., Chen, Z. L., Zhang, L., Gao, Y. L., & Sun, Y. X. (2006). Arsenic uptake and accumulation in rice (Oryza sativa L.) at different growth stages following soil incorporation of roxarsone and arsanilic acid. Plant and soil, 285(1), 359-367.

Yuan, Y. (2012). Methylmercury: a potential environmental risk factor contributing to epileptogenesis. Neurotoxicology, 33(1), 119-126.

Zeilmaker, M. J., Hoekstra, J., van Eijkeren, J. C., de Jong, N., Hart, A., Kennedy, M., ... & Gunnlaugsdottir, H. (2013). Fish consumption during child bearing age: a quantitative risk–benefit analysis on neurodevelopment. Food and chemical toxicology, 54, 30-34.


Online PDF bestanden

RIVM: Bestrijdingsmiddelen in grondwater bij drinkwaterwinningen: huidige belasting en mogelijke maatregelen
(RIVM Rapport 2016-0083 F.A. Swartjes│A.M.A. van der Linden│ N.G.F.M. van der Aa)

RIVM: Drinkwaterbesluit 2015 artikel 13: Kwaliteitseisen

RIVM: Drinkwaterbesluit 2015 Bijlage A

RIVM: Geneesmiddelen en waterkwaliteit

RIVM: Impact klimaat op oppervlaktewater als bron voor drinkwater.


Websites

Water purification breakthrough revealed: AquaTru countertop water purifier removes 128 toxic chemicals, fluoride, heavy metals and more

What are copper's health effects?

Onkruidverdelgers tasten Nederlands drinkwater aan

Bestel nu uw eigen AquaTru in onze webshop